Nieuws

Dementie: wat mogen we niet vergeten?

De Hoge Gezondheidsraad heeft specifieke aanbevelingen uitgevaardigd over de diagnose van dementie, de gedragsaspecten en de bijbehorende ethische kwesties. Hieronder presenteren we je de perstekst die door de HGR werd verspreid op 7 april 2016. 

Waarom dementie belangrijk is
Dementie is een probleem met menselijke, ethische en maatschappelijke facetten. Het heeft niet alleen een impact op de patiënten, maar ook op hun familie, professionals uit diverse domeinen en de maatschappij als geheel. In 2012 schatte een rapport van de WGO dat het aantal mensen die dementie zullen hebben in 2050 zal verdrievoudigen. Datzelfde rapport betreurde ook dat slechts 20 tot 50% van de dementiegevallen gediagnosticeerd wordt, en dan vaak nog te laat. Bovendien neemt het aantal leeftijdgebonden aandoeningen toe doordat onze levensverwachting stijgt. Er is ook geen geneesmiddel voor dementie, maar een optimale combinatie van zorgverlening en diensten kan de gevolgen verlichten voor de patiënten zelf en hun omgeving of de samenleving. 

Expertise en een multi- en interdisciplinaire aanpak bevorderen
Dementie is een complex probleem met een impact op heel wat domeinen, waarover onze kennis snel toeneemt. Het kan dan ook nuttig en interessant zijn om dementieopleidingen te organiseren voor medisch personeel om te garanderen dat de best mogelijke primaire zorgverlening wordt verstrekt. De huisarts speelt een belangrijke rol in de gedeelde zorgverstrekking, samen met de specialist. Wat tweedelijnszorg betreft moet ook het teamwerk in diagnosecentra sterk worden aangemoedigd. 

Verbeteren van de informatie verstrekt aan alle zorgverstrekkers, zowel wat detectie betreft als dagelijkse zorg
Als deel van hun initiële en voortgezette opleiding moeten artsen en andere zorgverstrekkers bewust gemaakt worden van het belang van dit probleem en van de mogelijke oplossingen, potentiële tools om de eerste signalen te herkennen en verschillende behandelingen die bestaan en/of ontwikkeld moeten worden per geval. In dat opzicht lijkt het nuttig om opleidings­programma's te voorzien over dementie. Die moeten ook specifiek ingaan op vroegtijdige dementie, aangezien de symptomen in dat geval niet altijd tijdig worden herkend door zorgverstrekkers. Levenslang leren voor professionals in dementiezorg verdient de voorkeur boven een eenmalige cursus van één dag en moet worden gekaderd binnen een ruimer dementiebeleid van de instelling.

Betere informatieverstrekking aan het publiek
Preventieve maatregelen maken het mogelijk om in te spelen op omgevingsfactoren (bijvoorbeeld inactiviteit). Het is cruciaal om correcte informatie over dit onderwerp te verstrekken aan de hele samenleving. Een juister beeld van wat cognitieve stoornissen en gedragsstoornissen zijn, is immers noodzakelijk om de signalen tijdig te herkennen. Ook het verstrekken van correcte en gepaste informatie aan het publiek is tot slot uiterst belangrijk in de strijd tegen de al te frequente stigmatisering van personen met dementie.

Het volledige adviesrapport (SHC 8890) vind je hier.

12 april 2016

« Terug